Wie de naam Marc van Nunen tegenkomt in de internationale duivensport, komt al snel terecht bij kwaliteit, kweek en vooral bij een zorgvuldig opgebouwde verzameling sterke lijnen. Vanuit Geldern in Duitsland heeft Marc in de loop der jaren een kweekbestand opgebouwd waarin klassieke Janssen- en Eijerkamp-Van Loon-duiven zijn samengebracht met modernere prestatielijnen van onder anderen Dirk van den Bulck, Leo Heremans, Stefaan Lambrechts, Jan Hooymans, Meindert de Jong en Gaby Vandenabeele.
De basis van dat verhaal ligt echter al veel eerder. Marc groeide in Nederland op met de duivensport. In 1986 bouwde hij als tienjarige zijn eerste hok. In 1992 werd hij Nederlands kampioen bij de NABvP en een jaar later eindigde hij als derde. Daarna volgde vanwege zijn studie een periode waarin de duivensport op een lager pitje kwam te staan. In 2002 verhuisde Marc naar Duitsland en in 2004 begon hij in Kerken opnieuw met postduiven.
Ook die herstart typeert Marc. Hij begon met slechts twintig jonge duiven in een kleine caravan van ongeveer 5 bij 2 meter. Ondanks de primitieve omstandigheden werd in de eerste zes vluchten met deze jonge ploeg een derde plaats over het totaal behaald. Vanaf 2007 verschoof de aandacht steeds sterker naar het kweken van duiven voor afstanden van ongeveer 100 tot 800 kilometer.
Van Janssen naar een moderne kweekkolonie
Binnen MVN-Pigeons vormt het Janssen-Arendonk-bloed een belangrijke historische pijler. Marc beschrijft zelf hoe onder meer een kleinzoon van de beroemde ‘Chantilly’ en een kleindochter van ‘019’ de basis vormden van zijn Janssen-lijn. Ook originele Janssen-duiven en materiaal van verschillende bekende liefhebbers werden in de loop der jaren toegevoegd.
Een andere belangrijke pijler is de Eijerkamp-Van Loon-lijn. Daarin kwamen onder andere nazaten van bekende Van Loon- en Eijerkamp-duiven terecht. Een bijzonder belangrijke rol speelde de familie rond ‘Silver Shadow’. In het MVN-verhaal worden verschillende topduiven genoemd die uit deze lijnen voortkwamen en op nationaal niveau prestaties leverden.
Een interessant hoofdstuk is de komst van vier duiven van Karl-Heinz Kuhnekath in 2007. Deze vier werden door Marc beschreven als de vier basisduiven van de Van Loon-lijn op zijn hok: ‘Brother Slim Shady’, ‘Sister Silver Rolls’, ‘Sister Slim Shady’ en ‘Sister Dante’s Eye’. Uit deze lijn kwamen onder meer een tweede asduif jonge duiven in 2016 en een eerste asduif jonge duiven in 2018 in de vereniging.
Daar bleef het niet bij. Later werd ook gericht geïnvesteerd in de lijnen van Dirk van den Bulck, waarbij Marc en Heinz Onkels Dirk van den Bulck meerdere keren bezochten. Het bloed van Van den Bulck werd vervolgens gekruist met onder andere Stefaan Lambrechts en Leo Heremans.
‘Den Duitser’ – een naam die overal terugkomt
Als er één duif is die in het verhaal van Marc van Nunen steeds weer terugkomt, is het ‘Den Duitser’, de NL14-1363479.
De geschiedenis begon met de rode duivin DV3668-05-352, die in het MVN-document wordt aangeduid als ‘De Duitse Duivin’. Deze duivin werd de stammoeder van een indrukwekkende familie en werd volgens Marc grootmoeder of overgrootmoeder van circa 29 duiven die in de combinatie bij de eerste tien eindigden.
Uit dezelfde geschiedenis kwam ‘Den Duitser’. Als jonge duif en jaarling liet hij zich nadrukkelijk zien. Zijn reeks vermeldt onder meer vier eerste prijzen, daarnaast tweede, derde, vierde, vijfde en zevende prijzen. In grotere concoursen behaalde hij onder andere een 7e tegen 17.612 duiven vanuit Roye, een 9e tegen 13.848 duiven vanuit Creil en een 33e tegen 20.913 duiven vanuit St. Quentin.
Ook de GPS Champions 2025/2026-publicatie noemt ‘Den Duitser’ als een belangrijke huidige stamduif van MVN-Pigeons. Daarin wordt hij vermeld als winnaar van vier eerste prijzen en worden opnieuw zijn grote concoursresultaten aangehaald. De publicatie stelt bovendien dat zijn bloed in een groot deel van het huidige kweekbestand terugkomt.
Dat maakt ‘Den Duitser’ meer dan alleen een succesvolle vlieger uit het verleden. Hij vormt een herkenbare schakel tussen het klassieke MVN-materiaal en de huidige kweekduiven.
De kweek stond altijd centraal
Marc heeft in zijn eigen catalogus opvallend duidelijk beschreven waar hij bij het kweken naar zoekt. Niet alleen een mooie stamboom, maar vooral kwaliteit aan beide kanten van de pedigree. Volgens MVN moeten de kweekduiven genetisch potentieel hebben en wordt gekeken naar duiven die zelf goed presteerden óf bewezen hebben goede nakomelingen te leveren.
Dat uitgangspunt is ook terug te zien in de koppellijst van 2024. Daar staan 36 koppels vermeld, met daarnaast twaalf ‘oldtimers’. In die lijst komen de eerder genoemde Janssen- en Eijerkamp-Van Loon-lijnen terug, maar ook combinaties met Jan Hooymans, Dirk van Dyck, Meindert de Jong, Hans Hak, Stefaan Lambrechts, Gaby Vandenabeele en andere bekende namen.
Opvallend is bijvoorbeeld een koppeling waarin een duif van Jan Hooymans wordt gecombineerd met een Marc van Nunen-duif, maar ook een combinatie van Dirk van den Bulck met Heinz Onkels en Marc van Nunen. Daarmee wordt duidelijk dat Marc niet simpelweg op één oude stam bleef voortbouwen, maar voortdurend nieuwe prestatielijnen in zijn kweekprogramma probeerde te verwerken.
Twintig kweekduiven in de huidige veiling
Dat verhaal krijgt een actueel vervolg in de nieuwe verkoop op Duivenveilingen.com. De veiling bestaat uit 20 kweekduiven en staat gepland om op 7 september 2026 om 20.00 uur te eindigen. De collectie bevat duiven uit verschillende bekende prestatiefamilies.
Wie de twintig kavels bekijkt, ziet meteen hoe breed de huidige MVN-basis is.
Zo vinden we onder meer:
- DV03668-20-144 V, opgebouwd uit de lijnen van Rein van den Bulck en Blauwe Leo.
- NL21-1077221, uit lijnen van onder andere Huub Heremans, Meindert de Jong, Koopman en Gaby Vandenabeele.
- NL23-9114492, waarin onder meer Van Dyck, Leo Heremans, Huub Hermans en Van Loon samenkomen.
- NL23-9114504 ‘Rode Kracht’, met bloed van Nieuwe Rossi, Vroom, Goede Rode, Kittel en Kleine Dirk.
- NL23-9114528, waarin onder andere Jan Hooymans, Van Dyck, Leo Heremans en de lijn van Olympic Marjolein zijn terug te vinden.
- NL24-8220009, waarin de lijn van Olympic Marjolein wordt gecombineerd met de familie rond Golden Girl.
- NL25-1031668 ‘Grandson Duitser’, waarin de familie van ‘Den Duitser’ wordt gekoppeld aan Magic Blue en Prince Esmee.
- NL25-1031670, waarin het ‘Den Duitser’-bloed aan beide kanten van de pedigree terugkomt, aangevuld met onder andere Olympiade- en Vandenabeele-bloed.
- NL22-8243865, een combinatie van ‘Den Duitser’ met de Vandenabeele-lijnen rond Rudy en Bliksem.
- NL23-9114594, waarin het ‘Kweekkoppel 2.0’ van Coen Brugman wordt gecombineerd met het superkoppel achter Olympic Marjolein.
Juist die samenstelling maakt deze verkoop interessant. Het gaat niet om twintig willekeurige duiven, maar om een collectie waarin verschillende hoofdstukken uit de geschiedenis van MVN-Pigeons bij elkaar komen.
Van klassieke basis naar moderne prestatielijnen
Dat is misschien wel het meest kenmerkende aan Marc van Nunen. De oude basis wordt niet vergeten, maar steeds opnieuw gebruikt in combinatie met bewezen modern bloed.
De Janssen-lijn is nog steeds herkenbaar. De Van Loon-familie is diep verankerd. De lijnen van Leo Heremans en Dirk van den Bulck zijn toegevoegd. Vervolgens kwamen onder andere Stefaan Lambrechts, Jan Hooymans, Meindert de Jong, Gaby Vandenabeele en andere prestatielijnen erbij. Die ontwikkeling is ook terug te zien in de 2024-koppellijst en in de huidige veiling.
Daarbij valt vooral op dat verschillende succesvolle families telkens terugkeren. ‘Den Duitser’, Olympic Marjolein, Golden Girl, Kleine Dirk, Kittel, Nieuwe Rossi, Rudy en Bliksem zijn geen losse namen in de catalogus; ze vormen onderdelen van de verschillende lijnen waarmee Marc zijn kweekbestand heeft opgebouwd.
Een bijzonder hoofdstuk in de geschiedenis
De geschiedenis van MVN-Pigeons kent ook een persoonlijkere kant. In december 2023 overleed Marc zijn vader Ron onverwacht. Ron was jarenlang nauw betrokken bij de duiven en had vanaf 2016 opnieuw met de jonge duiven van MVN gespeeld. In 2016 werden dertien vluchten gevlogen en werden dertien prijzen behaald, waaronder drie eerste, één tweede en twee derde prijzen in de vereniging.
In de catalogus uit 2024 beschrijft Marc hoe moeilijk het was om na het overlijden van zijn vader de draad weer op te pakken. De duiven waren gezond, maar het gezamenlijke ritme en de vanzelfsprekende betrokkenheid van zijn vader waren verdwenen.
Dat geeft ook context aan de latere verkoop van duiven. Het gaat bij MVN dus niet alleen om een verzameling stambomen. Achter de huidige collectie zit een geschiedenis die teruggaat tot de jeugd van Marc, via zijn vader Ron, de herstart in Duitsland en jaren van gericht kweken.
De huidige collectie
Wie de huidige veiling bekijkt, ziet vooral een verzameling die de ontwikkeling van MVN-Pigeons mooi samenvat.
Van klassiek Janssen-Arendonk tot Eijerkamp-Van Loon. Van Leo Heremans en Dirk van den Bulck tot Stefaan Lambrechts. Van Jan Hooymans, Meindert de Jong en Gaby Vandenabeele tot de eigen MVN-lijnen rond ‘Den Duitser’ en andere bewezen kwekers.
De kracht van de collectie zit daarmee niet in één enkele naam, maar in het stapelen van bewezen bloedlijnen en het steeds opnieuw proberen te combineren van prestatiefamilies. Dat is precies de ontwikkeling die ook in de eigen MVN-catalogus zichtbaar is.
Marc van Nunen begon ooit als jongen met een zelfgebouwd hok in Nederland. Decennia later staat zijn naam verbonden aan een internationaal georiënteerde kweekkolonie waarin klassieke en moderne duivensportlijnen samenkomen.
En wie naar de twintig duiven van de huidige veiling kijkt, ziet vooral één ding: de geschiedenis van MVN-Pigeons zit niet alleen in het verleden. Een groot deel van die geschiedenis is nog altijd terug te vinden in de pedigrees van de huidige kweekduiven.