J. & G. van der Bei uit Drogeham: een droomstart na een gedwongen herstart
Sommige liefhebbers dromen ervan om na een gedwongen pauze opnieuw te beginnen en direct aan de top te staan. Johnny en Gabriella van der Bei uit Drogeham maakten het in 2022 werkelijkheid. Na een periode zonder eigen hok kwamen de acht oude kweekkoppels terug, werd een nieuw hok opgebouwd en begon het stel opnieuw. Het resultaat mocht er zijn: de titel 1e Categorie 2 Jong, 31 duiven t/m 60, Fondspiegel.
Maar achter die prestatie zit meer dan alleen een goede uitslag. Johnny en Gabriella vullen elkaar op het hok uitstekend aan. Hij richt zich vooral op de kweek en het schoonmaakwerk, terwijl Gabriella zich heeft verdiept in het voeren. Samen hebben ze een duidelijke visie en vooral: ze houden zich eraan.
Duiven zitten bij allebei in het bloed
Johnny van der Bei is al vanaf jonge leeftijd met duiven bezig. Als jongen van elf jaar spaarde hij al duivenringen en was hij niet uit de hokken weg te slaan. Zijn vader Eelke van der Bei had eveneens goede duiven en was daarnaast rekenaar voor afdeling Friesland.
Ook bij Gabriella begon de liefde voor de duivensport binnen de familie. Haar stiefvader hield duiven, maar moest daar vanwege een longziekte mee stoppen. Gabriella vond het jammer dat de duiven zouden verdwijnen en ging als twaalfjarige zelfstandig verder.
Dat de twee al vroeg aanleg hadden voor de sport, blijkt ook uit hun jeugdkampioenschappen. Johnny werd in 1987 jeugdkampioen van Friesland, terwijl Gabriella die titel in 1992 behaalde.
De weg naar hun gezamenlijke hok verliep echter niet rechtstreeks. Na het overlijden van Johnny’s vader in 2018 kon Johnny nog een jaar doorgaan, waarna hij noodgedwongen moest stoppen omdat er geen plaats meer was voor de duiven. De acht kweekkoppels werden ondergebracht bij Van Tilburg.
In september 2021 verhuisden Johnny en Gabriella naar een hoekwoning in Drogeham. Eind december stond het nieuwe hok er en konden de acht koppels terug naar huis.
Johnny had daarbij een duidelijke overtuiging: met deze acht koppels moest de nieuwe basis worden gevormd. Extra duiven waren volgens hem niet noodzakelijk.
Samen één team
Op het hok heeft ieder zijn eigen taak. Johnny doet het schoonmaakwerk en houdt zich bezig met de kweek. Gabriella heeft zich intensief verdiept in het voeren. Ze bestudeerde verschillende zaden en hun doel en maakt vervolgens een schema voor Johnny.
Zoals ze het zelf samenvatten: Johnny is de goede kweker en Gabriella de goede voerder.
Die samenwerking lijkt goed te passen bij de manier waarop ze naar de duivensport kijken. Er wordt samen overlegd en het werk wordt verdeeld op basis van waar ieder sterk in is.
Acht koppels als basis
Tussen kerst en oud en nieuw werden de acht kweekkoppels gekoppeld. Daaruit werden drie rondes gefokt. Daarnaast kwamen er jongen van Jan Westen uit Ter Apel en gingen er jongen van kweekcentrum De Walden naar Drogeham.
De acht eigen kweekkoppels vormden echter de belangrijkste basis. Het merendeel van deze duiven was afkomstig uit 2011, 2012 en 2013. Het waren duiven die zelf prestaties hadden geleverd en daarnaast bewezen kwekers waren.
In de basis komen verschillende lijnen samen. Via Johnny’s vader loopt oud Janssen-soort door de duiven. Daarnaast is de Ace Four-lijn van Schaerlaeckens aanwezig via Eppie Koster uit Nieuw-Annerveen, een neef van Johnny’s vader. Ook de Heremans-Ceusters-lijn is in de kweek terug te vinden.
Bij het selecteren van de jonge duiven speelt de stamkaart geen doorslaggevende rol. Johnny en Gabriella kijken vooral naar prestaties en bouw. Van de 63 jongen waarmee werd gestart, bleven er uiteindelijk 53 over. Vervolgens werden er vanwege de beschikbare ruimte nog elf geselecteerd.
Eerst kijken naar de duif
Johnny heeft zich nadrukkelijk verdiept in de kweek. Daarbij kijkt hij niet alleen naar afstamming, maar vooral naar de fysieke kwaliteiten van de duif.
Zo probeert hij te voorkomen dat twee witogers tegen elkaar worden gezet. Ook de bouw vindt hij belangrijk. Rug, stuit en vleugellengte worden bekeken, evenals het evenwicht van de duif. Daarnaast ziet hij graag een kleine, beweeglijke duif.
De acht oude kweekkoppels begonnen in 2022 wel wat leeftijd te tonen. Daarom lag er al een toekomstplan klaar: extra voor de kweek kweken en mogelijk later de beste jaarlingen naar de kweek brengen.
De uitslagen liegen er niet om
De nieuwe start kreeg in 2022 meteen een bijzonder vervolg. Johnny en Gabriella behaalden 10 keer een eerste of tweede prijs in de vereniging. Bovendien werden met 31 verschillende jonge duiven maar liefst 56 top-10-noteringen in de vereniging behaald.
Ook in de kampioenschappen kwam de sterke jonge duivencampagne duidelijk naar voren.
Rayon De Walden
- 1e duifkampioen Jong
- 1e duifkampioen Natour
- 2e hok Jong
- 4e hok Natour
Samenspel De Eenheid
- 2e hok Jong
- 5e hok Natour
- 2e duifkampioen Jong
- 1e duifkampioen Natour
Daarnaast werd in de Ladies League de 3e beste duif NPO behaald.
Ook op afdeling Friesland werd twee keer een teletekstnotering gerealiseerd: een 9e tegen 7.409 duiven op Étrœungt en een 2e tegen 11.020 duiven op Marche.
Voor een eerste seizoen na een herstart is dat een opvallende reeks prestaties.
Pink Lady, 614 en Anna
Met zoveel verschillende jonge duiven die vooraan vliegen, zijn er meerdere duiven die eruit springen. Drie daarvan worden in het oorspronkelijke verslag uitgebreid genoemd.
De 608, ‘Pink Lady’, was een eigen kweekduif. Zij speelde als jonge duif 100 procent prijs en werd 3e beste duif NPO in de Ladies League.
Haar vader was de 9999, een duif die zelf eveneens kopprijzen liet zien. Hij won onder meer een 4e op Quiévrain tegen 1.337 duiven, een 3e op Sittard tegen 2.298 duiven en een 2e op Weert tegen 1.802 duiven.
De moeder van Pink Lady had eveneens meerdere kopprijzen en was een kleindochter van De Wondere Dirk en van een duif van K. de Jong en Zn die in 2010 een 1e NPO Blois won.
Dan is er de 614, afkomstig van kweekcentrum De Walden. Deze doffer werd 1e asduif Natour in De Eenheid.
Aan vaderskant vinden we een 75 procent Heremans-doffer met de naam Bryant. In zijn afstamming komen onder meer New Olympiade, Karen en De Jan voor. Ook Amore van Gerard Koopman komt in de stamboom terug. De moeder van de 614 is een kruising Heremans/Van Dyck, met aan beide kanten onder andere Di Caprio en de Kannibaal.
Anna: twee keer teletekst
Misschien wel het meest bijzondere verhaal uit 2022 is dat van Anna, een duivinnetje dat afkomstig was van Jan Westen en werd vernoemd naar de dochter van Gabriella.
Op een vluchtdag moest Gabriella invallen op haar werk. Johnny hoopte dat er voor half één een duif zou arriveren. Vijf minuten voor half één kwam er een duif uit de verkeerde hoek en viel op de klep.
De week erna gebeurde er opnieuw iets bijzonders. Hetzelfde duivinnetje kwam aansnellen, bleef nog ongeveer anderhalve minuut op het dak zitten en werd uiteindelijk 9e van Friesland.
Daarmee zorgde Anna voor twee teletekstnoteringen achter elkaar.
Volgens het verslag was Anna in het hok geen opvallende verschijning. Ze wilde geen doffer, maar vloog op haar eigen territorium. In haar afstamming komen aan beide kanten veel Heremans terug, naast een vleugje Pieter Veenstra. Ook wordt haar overgrootmoeder gekoppeld aan Olympic Roberto.
Verzorging met een duidelijke lijn
Ook de opleiding van de jonge duiven gebeurt volgens een vast plan.
Na het spenen mochten de jongen eerst acht weken via de spoetnik naar buiten. Daarna werden ze op een bewolkte dag, zonder zon en wind, voor het eerst losgelaten.
De training werd vervolgens opgebouwd. De jongen gingen ’s morgens om tien uur los en hoefden volgens Johnny niet twee keer per dag rond het hok te trainen. Wanneer ze eenmaal goed trainden, was het volgens het stel niet nodig om ze voortdurend weg te brengen.
Het opleren begon pas nadat de jongen uit zichzelf goed weg begonnen te trekken. Eerst twee kilometer in het dorp, daarna vijf, vijftien en uiteindelijk dertig kilometer. Voor de eerste vlucht waren ze in totaal zes keer weggebracht.
De jongen werden bovendien verduisterd van 18.00 tot 08.00 uur. Na de langste dag werd bijgelicht van 17.00 tot 21.30 uur.
Voeren op gevoel
De verzorging is volgens Johnny en Gabriella bewust eenvoudig gehouden. Er wordt weinig gebruikgemaakt van supplementen. Tijdens de kweek krijgen de duiven onder andere tovo, eivoer en snoepzaad. Soms wordt wat hennep gegeven en daarnaast is er de bak allerhande van Van Tilburg.
Knoflook speelt wel een vaste rol. In een pot met water staan knoflooktenen en dagelijks wordt daarvan een mok aan het drinkwater toegevoegd.
De meeste aandacht gaat echter uit naar het voeren. Er worden in principe twee mengelingen gebruikt: een lichte mengeling van Van Tilburg en de zwaardere Verkerk Sport van Beyers.
Tot ongeveer 350 kilometer wordt de eerste mengeling gebruikt. Daarna wordt vooral gekeken naar de conditie van de duiven, het weer, de windrichting en de afstand van de vlucht. Gabriella bepaalt het voeren daarbij op basis van observatie en gevoel.
Na thuiskomst krijgen de duiven volle bak voor het herstel. Ook de zondag staat niet volledig in het teken van rust. Dan begint volgens het stel alweer de voorbereiding op de volgende vlucht.
Een hok dat met eigen handen werd opgebouwd
Het hok in Drogeham werd na de verhuizing overgenomen van een sportvriend uit Harkema die was gestopt. Johnny zette het in twee weken tijd op.
Er kwam een nieuwe kap op en aan de voorzijde werden de eerste rijen dakpannen vervangen door golfplaten die licht doorlaten. In het plafond zit polycarbonaat voor licht en warmte.
De verluchting wordt aangepast aan de omstandigheden. In het voorjaar staat de opening ongeveer vijf centimeter open en bij warmer weer kan deze verder worden geopend. Zodra de duiven losgaan, worden de schuiven gesloten om tocht te voorkomen.
Er is wel mechanische ventilatie aanwezig, maar die wordt niet gebruikt.
Een bijzondere verzameling
Wie denkt dat Johnny’s interesse in duiven ophoudt bij de prestaties op het hok, heeft het mis. Zijn fascinatie voor duivenringen begon al toen hij elf was en is nooit verdwenen.
Inmiddels heeft hij een uitgebreide verzameling ringen uit verschillende landen en periodes, waaronder ook vooroorlogse exemplaren.
Daarnaast beschikt hij volgens het verslag over een parachute waarmee tijdens de oorlog duiven zouden zijn gedropt. De collectie vormt daarmee een bijzondere aanvulling op zijn hobby binnen de duivensport.
Een herstart die meteen raak was
De prestaties van Johnny en Gabriella van der Bei in 2022 kwamen niet uit het niets. Beiden waren al vanaf jonge leeftijd actief met duiven, en na de gedwongen pauze werd de herstart zorgvuldig voorbereid.
Acht bestaande kweekkoppels vormden de basis. Daar omheen werd een duidelijke visie gebouwd op kweek, selectie, opleiding en voeren. Johnny en Gabriella verdeelden de taken en hielden vast aan hun eigen manier van werken.
Het resultaat was een seizoen met tientallen top-10-noteringen, meerdere kampioenschappen, twee teletekstnoteringen en de titel 1e Categorie 2 Jong, 31 duiven t/m 60, Fondspiegel.
Misschien is juist dat de kern van het verhaal uit Drogeham: na een periode waarin de duiven noodgedwongen moesten verdwijnen, werd er niet gezocht naar een snelle oplossing, maar teruggegrepen op de eigen basis. En die basis bleek in 2022 direct sterk genoeg om op het hoogste niveau mee te doen.
Zoals Johnny en Gabriella het zelf verwoorden: iedereen moet vooral op zijn eigen manier plezier beleven aan de duivensport. Veel kijken naar een ander en denken dat je het ook zo moet doen, is volgens hen niet voor iedereen weggelegd.